Home Orgel Huidige dispositie
Huidige dispositie
pijpen_2012
Met deze restauratie heeft het orgel grotendeels zijn karakter terug gekregen zoals dat in 1847 globaal moet zijn geweest, aangevuld met elementen die in latere tijd zijn toegevoegd en bij deze restauratie deels zijn gereconstrueerd en getransformeerd in een beter bijpassende stijl. De fouten uit de geschiedenis zijn ten goede veranderd. Van het verleden is geleerd en ook het werk van de laatste halve eeuw is tevens geëerd door het zoveel als mogelijk en zinvol was te integreren. Daarmee is een instrument ‘aus einem Guss’ ontstaan. Kerk en orgel behoren hiermee nu tot de topstukken van de historische kerken en orgels van Drenthe. Wellicht is het orgel sinds 1847 nog niet zo mooi geweest… De klank van het orgel is, conform de post-Westfaalse stijl rond 1800, ontspannen en melancholiek zingend met geprononceerde aanspraak in de prestantregisters, helder en verfijnd in de fluiten en krachtig, helder en enigszins ruisend bij de tongwerken en in het tutti (klank karakteriseren lijkt wel enigszins op het benoemen van karaktereigenschappen van goede wijn…)!

Kortom, een monumentaal orgel met een karakter en een klankbeeld dat niet alleen voor Noord Nederland uniek is: Nederland heeft een fraai Rijnlands orgel aan haar orgelpatrimonium kunnen toevoegen! Assen heeft sinds de verkoop van het grote orgel in de vm. Marturiakerk  in haar directe omgeving er weer een orgel van monumentale allure bij waarmee een breed gebruiksscala van muziekstijlen en muzikale combinaties mogelijk is, ook op het concertante vlak.

De nieuwe dispositie is als volgt:

Hoofdwerk (C-f3) Bovenwerk (C-f3) Pedaal (C-d1)
Prestant    16’disc.   (O)        Prestant       8’ disc      (Li) Bourdon    16’    (K)
Prestant      8’         (L/O) Fluit douce     8’           (L/O/R)       Octaaf        8’    (K)
Holpijp        8’          (O) Prestant       4’             (O/L/V) Octaaf        4’    (O/L)
Octaaf        4’          (O) Fluit              4’            (O) Bazuin      16’    (R)
Fluit            4’          (O) Spitsfluit       4’ disc      (O) Trompet     8’    (R)
Fluit           2’          (O) Nasard          3’            (R)  
Mixtuur    II-III          (O/R) Octaaf           2’           (O)  
Trompet    8’          (R) Gemshoorn   2’           (O)  
  Terts              1 3/5’    (R)  
  Dulciaan        8’           (R)  

 

Tremulant (opliggend over het gehele werk)         (R)
Manuaal-schuifkoppel                                           (O/L/R)
Pedaalkoppel HW                                                  (R)
Pedaalkoppel BW                                                  (R)
Windvoorziening    :  2 spaanbalgen                      (R)

Toonhoogte            :  a1 = 440 Hz bij 18oC

Winddruk               :  75 mm waterkolom

Stemming               :  1/5 komma Wohltemperierte stemming naar Kellner

 

O   = Historisch pijpwerk, in 1847 aanwezig

Li  = Historisch pijpwerk (in 1989 toegevoegd), mogelijk van Henricus Lindsen, leerling van Abraham Meere.

L   = Pijpwerk Leeflang 1955, in 2012 in stijl bijpassend gemodelleerd en geherintoneerd.

K   = Geplaatst door Koch 1979, onzekere herkomst, deels fabriekspijpwerk 20e eeuw, in 2012 in stijl bijpassend gemodelleerd en geherintoneerd .

R   = Mense Ruiter 2012, naar voorbeeld pijpwerk orgel Rolde; de tongwerken naar voorbeeld Honhof te Haaksbergen. Deze zijn weer gebaseerd op een traditionele Westfaalse stijl, die sinds eind 17de eeuw nauwelijks is gewijzigd.